General blabla, Projectjes, Reizen, Sport, Veertig dagen bloggen

Mijn weekje in La Plagne

Sinds gisterenavond (rond 18h) zijn we weer thuis. Geen gebroken benen, geen gekneusde ledematen (de wederhelft klaagt wel over een knie, maar werd onderuit geskied door twee skikindjes-in-wording en kan wel perfect stappen, dus ik schiet niet in paniek), veel rust in het hoofd gevonden.

En skiplezier, dat ook. Ik kan echt met mijn hand op het hart zeggen dat ik mij dagelijks zeker een uur of vier heb geamuseerd op mijn ski’s. Nog nooit voorgevallen, zoals ik in die eerdere blogpost al duidelijk maakte. Ik ga zelfs niet spreken over ‘zotjes’, het is gewoon hallucinant. Het hielp ook wel dat er heel veel sneeuw lag. Zoveel sneeuw dat de skileerkrachten er zelf versteld van stonden (en uiteraard heel gelukkig waren, dat ook).

Wat nog meer hielp was dat die skileerkrachten (van de Reflex Ski School, boek hen als je les wil nemen want die zijn allemaal supergoed en vriendelijk en lach eens vriendelijk naar Jean Christophe van mij? Zo’n schatje) perfect wisten dat ik een grote bangeschijter ben op de skilatten. Ik wil controle, ik wil absoluut géén snelheid (hmm. Volgens de ski-app heb ik toch wel iets meer dan 50 kilometer per uur gehaald als topsnelheid), ik haat harde sneeuw. De twee leerkrachten die ik heb gehad hebben daar allebei perfect rekening mee gehouden en mij ook nog eens alleen maar blauwe pistes laten doen én mij toch laten vooruitgang boeken. Meer van dat!

De rust in het hoofd was er vaak tijdens het skiën, behalve wanneer het te steil naar mijn zin was of wanneer ik geen tien meter voor mij uit kon zien. Skiën en ik, wij zijn dan echt geen vriendjes. Maar die rust was er nog meer wanneer ik vanop het (ijskoude) balkon van de hotelkamer naar de besneeuwde bossen keek, de vallende sneeuw bewonderde of gewoon even genoot van mijn dagelijks dutje of lang bad. Ja, ik doe dagelijks een dutje op skivakantie. Ik stop meestal met skiën rond 16h, keer dan terug naar het hotel, doe mijn skikleren uit en kruip dan mijn bed in met een boek en een heerlijk warm gevoel (heb ik al vermeld dat het gemiddeld -5° of kouder was? Nee? Mijn benen waren iedere keer ijskoud als ik ergens warm binnenstapte). De anderen verklaren mij zot maar ik vind dat zalig. Dat betekent ook dat ik in combinatie met de vroege nachtrust en het tijdig opstaan ‘s ochtends heerlijk uitgerust terugkom van vakantie. Dat is uiteraard weer verdwenen na de eerste werkweek, maar ik heb het toch maar gehad. Ik denk dat ik deze week aan een kleine 9 uur zat als gemiddeld aantal slaapuren. Ik droom daarvan, van dat gemiddelde.

Conclusie? Het zat goed, deze week. De wederhelft was blij want ik heb me echt goed gevoeld op de latten, ik ben blij want ik heb mij goed gevoeld op die latten én ben volledig bijgeslapen én ik heb vandaag nog verlof. Hoeveel beter kan het worden? (dat kleurtje is er niet van gekomen, hoewel we ook zeker zon hebben gezien. Ik ben ook niet rood geworden, dus da’s ook al niet slecht)

Ik doe mee met het #veertigdagenbloggen-project van Katleen van Verbeelding. Hier kan je de lijst met andere deelnemers terugvinden! 

Advertisements
Standard
emoties, Projectjes, Reizen, Sport, Veertig dagen bloggen

De jaarlijkse skitrip

Wanneer jullie dit lezen, zit ik normaal gezien al ergens in Frankrijk. Beter gezegd: lig ik ergens in Frankrijk, want de heen- en terugrit richting Alpen ziet C. meestal diep weggezakt op de achterbank dutjes doen. Ideaal. En lezen, dat ook. Ik spaar boeken op voor de lange ritten, want hoe doe je dat anders? Toch niet babbelen met mensen rondom jou zeker? Tss.

We gaan voor de derde keer naar La Plagne, een skigebied waar veel blauwe pistes zijn (hiphoi!), net zoals rode en zwarte (boe – die zijn voor de wederhelft, zijn zus en neef). We zitten daar ook telkens in hetzelfde hotel, hoewel we echt ons best doen om eens iets anders te kiezen. Dat komt dan toch altijd duurder/slechter/verder uit dan verwacht, dus blijven we maar waar het goed is. Omdat we trouwens zo’n fans zijn van La Plagne, keren we er deze zomer terug om te gaan wandelen – lijkt me wel leuk om dan te zoeken naar de pistes waar we vijf maanden eerder afkwamen.

Vorig jaar was ik flink en heb ik lessen op de mat genomen voordien, kwestie van minder gecrispeerd op die latten te staan (nee, het is niet mijn favoriete sport). Dat is er dit jaar niet van gekomen, door drukke weken en gewoon geen zin. Wel neem ik terug privéles in het skigebied zelf, dus ik laat mezelf niet volledig gaan. We gaan voor zeker een vol uur skiplezier (in totaal, per dag is dat een illusie vrees ik)!

Ik kan erover zagen, maar het punt blijft wel: ik vind die vakantie wel tof. OK, het skiën ligt me niet echt, maar die natuur wél. De rust, dat zonnetje, de sneeuw, het cocoonen ‘s avonds en een hele dag buiten zijn: ik ben daar volledig fan van. En ik kom dus ook wel opgeladen terug. De liefde voor het skiën is er helaas nog niet. Misschien ooit wel?

In deze vastentijd doe ik mee met #veertigdagenbloggen, met dank aan Verbeelding. Join us!

Standard
General blabla, Reizen

Wishlist: de reiseditie

Ik heb geen bucketlist. Ik zou ook niet goed weten wat daarop te zetten, maar ik reis wel héél graag. Dus ga ik voor een wishlist: als ik deze top-10 tijdens mijn leven niet bezoek ga ik mijn leven niet als gefaald beschouwen, maar als ik ze wél kan afvinken ben ik eens zo blij 😉

  • Australië. Dan niet gedurende drie weken, maar wel minstens anderhalve maand. Voor wanneer we op pensioen zijn, vermoedelijk.
  • Peru, meer bepaald de Inca Trail. Moet geweldig zijn.
  • Nieuw-Zeeland. Zie Australië: met drie weken vermoed ik dat we daar niet zouden toekomen.
  • Cruisen naar de Caraïben of de Middellandse Zee. Vrij verschillend en ja, de Caraïben hebben we al gehad. Maar er gaat geen week voorbij (letterlijk) dat we niet naar elkaar kijken en zeggen ‘wanneer gaan we terug?’. Cruisen ligt ons ook blijkbaar geweldig goed, dus dat concept mag op de wishlist 😉
  • Kenia/Tanzania. Safari’s zijn fantastisch en dit is wél mogelijk op drie weken. Muahaha.
  • Jordanië. ‘t Schijnt dat dat prachtig moet zijn, maar wanneer we daar weer veilig naartoe kunnen gaan…
  • Een tropisch eiland voor een week all out, all-in relax. Mozambique, Martinique, Seychellen,
  • Santorini. Vraag me niet waarom, maar dat staat letterlijk al 10 jaar op mijn to-do lijstje. Nu dus ook officieel op de wishlist.
  • Engeland en dan voornamelijk de Lake DistrictIk droom dus letterlijk van twee à drie weken door Engeland rijden, met groene velden, mooie bossen en meren rond mij. En dat Engelse accent, heerlijk.
  • De Zuidelijke Amerikaanse staten en steden. Ik denk dan aan New Orléans, Mississippi in het algemeen, St. Augustine en meer van dat leuks.

Hebben jullie ook zo’n wishlist? Wat staat er bij jullie op?

Standard
Cultuur, emoties, L/literatuur, Reizen

#projectblogboek 15: maak een lijst van vijf boeken die je leven hebben veranderd

Oh, da’s een moeilijke. Echt, een moeilijke. Maar OK, we doen ons best.

Ik heb (zo gaat de familielegende) mezelf leren lezen. Mama en papa lazen altijd voor en wij keken dan mee op de pagina’s. Tegen dat ik in het tweede kleuterklasje zat, vroeg ik af en toe ‘welke letter is dat? En dat woord, hoe zeg je dat?’ en op een bepaald moment kon ik gewoon lezen. Voilà. Mijn ouders gelukkig, want sindsdien kroop ik heelder uren in hoekjes met boekjes en amuseerde ik mij zo geweldig goed op mijn eentje. Ik heb dus al wel wat boeken weten passeren, maar deze zijn toch altijd iets harder blijven hangen. Enjoy!

  • De gebroeders Leeuwenhart – Astrid Lindgren. Ik denk dat dit het eerste, wat serieuzere boek was dat ik uit de bibliotheek meenam, of toch het eerste dat ik mij herinner. Ik heb het tig keer ontleend en als/wanneer ik zelf kinderen heb wordt dit eentje in hun boekenkast. Geen keuze. Dit was het eerste boek waarbij ik me kan herinneren dat ik zo enorm hard meeleefde met de personages. Zo’n hartjes voor Kruimel, echt waar. Hartjes, hartjes, hartjes.
  • Hogfather – Terry Pratchett. Diezelfde bibliotheek (shout out naar de bieb van Aartselaar die ik nog altijd mis eigelijk) leerde mij ook Terry Pratchett, grote held, kennen. De kleurrijke kaften trokken mij aan, de verhalen en humor lieten mij steeds nieuwe boeken uit de rekken trekken. Ik vind vooral zijn Diskworld-serie geweldig, van zijn kinderboeken over Tiffany (die niet echt als kinderboek gelden in mijn hoofd, maar kom) tot zijn focus op Ankh-Morpork (met speciale liefde voor de politie en dictator daar) en de fascinatie met heksen en tovenaars. Hij slaagde (helaas, de grote held is een paar jaar geleden overleden) er op fenomenale wijze in om dingen die wij nu meemaken (de filmwereld, (r)evolutie in transport en communicatie) te vertalen naar een fictiewereld en ons met onszelf te laten lachen. Wat zeg ik, schaterlachen.
  • Key of Light – Nora Roberts/Naked in Death – JD Robb. Ik moet eerlijk zijn, ik weet niet meer welk boek ik als eerste van de onontkombare Nora Roberts heb gelezen (uiteraard via de bieb leren kennen). Ik heb al lofzangen afgestoken over haar fenomenale schrijftalent, maar zij is de schrijfster waar ik echt waar élk boek van pre-order. Ik tel af tot 5 december wanneer een nieuwe trilogie uitkomt in een voor haar volledig nieuwe vertelomgeving. Ik overdrijf niet (echt waar, niet) als ik zeg dat ik minstens 80 boeken van haar in mijn bezit heb. Zeggen dat ik een fan ben is misschien een beetje licht uitgedrukt.
  • Father Frank – Paul Burke. Ook weer in de bibliotheek ontdekt en nadien zelfs van de bieb overgekocht (voor de luttele prijs van €1, terwijl ik het boek toen ook al een keer of vijf had uitgeleend). Het kan stom overkomen, maar dit boek heeft me doen inzien dat 1. de job als pastoor niet gemakkelijk is, vooral als je wat logisch nadenkt met momenten en 2. als je je job graag en passioneel doet, je echt wel ver kan geraken.
  • Eender welk boek van Bill Bryson. Als ik ooit door iemand ben aangestoken om te beginnen rondreizen en te wandelen tijdens die reizen, dan is het wel door deze man. Zijn reisverhalen en geweldige anekdotes zorgden ervoor dat Engeland steeds hoger op mijn reislijstje kwam en hopelijk lukt het om binnen twee jaar een week of twee, drie daar door te brengen. (Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat ook Father Frank van hierboven daarbij geholpen heeft)

#projectblogboek werd geïnspireerd door het Blogboek van Kelly Deriemaeker (van Tales from the Crib). Allen daarheen! 

 

Standard
Eten, Reizen

De Westkust in drie weken: 2017

Door sommigen werd ik wat lacherig bekeken: hoezo, een reis naar de Westkust? Daar ben jij toch niet zo lang geleden al geweest? Ja, da’s waar, een dikke zes jaar geleden ben ik daar met mijn ouders geweest gedurende twee weken. Dik gelijk. Maar: niet op mijn tempo met mijn accenten, ten eerste. En ten tweede: ik mag daar toch nog eens langsgaan zeker? Ik dacht het wel, danku.

Maar dus, die reis. Drie weken, vijf nationale parken (we zijn er nog een vijftal extra tegengekomen maar die zijn we gepasseerd, snif), drie steden en maar één nacht twee kamers. En dat dat allemaal fantastisch is gelopen, buiten een kleine hiccup bij het terugvliegen naar België. Ah, the suspense.

Onze reis in etappes:

  • Los Angeles: hier kwamen we aan en deden we de eerste van onze vele kilometers (die kilometers deden we trouwens met een mid-size SUV: beste beslissing ooit met drie grote koffers en drie volwassenen die daarin moesten. Ik denk dat het mijn schoonzus was die zei dat ze nog nooit zoveel plaats in een auto heeft gehad als in deze en we hebben toch wel een veertigtal uur daarin gezeten; lang leve ruimte!). De stad zelf was niet bijzonder interessant voor ons; wij plakten er een dag Disneyland Resort aan en hebben ons daar geweldig goed geamuseerd.
  • Grand Canyon: de wederhelft keek niet-zo-stiekem heel hard uit naar dit park, want dat zag er keicool uit. Uiteraard. Iedereen was toch wel even stil bij die eerste aanblik van de canyon en die stilte is regelmatig teruggekomen tijdens onze wandelingen. Jongens, imposant of zo? Die kleuren, die wolken, die structuren: adembenemend. En héél veel toeristen die precies dood willen voor die ene perfecte foto: om de vijf minuten zagen we wel iemand op een rotspartij klauteren die duidelijk voorbij het pad lag om toch maar gefotografeerd te worden op een niet-typische Grand Canyon-locatie. Zotten.
    • De wandelingen en view points die we hier deden: Hermit’s Rest, Rim Trail, Mather Point, Yavapai, Desert View Drive, Desert View Tower
    • Hier aten we: El Tovar, een geweldig ontbijtbuffet in ons hotel, het restaurant van het hotel
  • Bryce Canyon: hier had ik zelf de beste herinneringen aan en ik moet eerlijk toegeven dat van alle parken die we gedaan hebben, dit ook nu mijn hart heeft gestolen. Relatief klein in oppervlakte, maar met een hoog familiegehalte op de best mogelijke manier en een park waar ik zelf met kinderen naartoe zou trekken. Dat heeft misschien ook met die herinneringen te maken, de kans zit erin. Maar prachtige zonsopgangen, leuke wandelingen, geweldige kleurensettings.
    • De wandelingen en goeie view points: Navajo Loop (gecombineerd met Queen’s Garden), Sunrise Point, Sunset Point, de scenic drive naar Rainbow Point.
    • Hier aten we héél goed: Bryce Canyon Lodge (avondeten), Bryce Canyon Pines (ontbijt). Dat ontbijt. Jongens. Wuifwuif naar Barb, de meest sympathieke serveuse die je je kan indenken. En vriendelijk, en behulpzaam. En lekker. Maar dat avondeten was ook spectaculair – en veel groenten! Lekkere groenten! Keuze te over!
  • Zion Canyon: relatief onbekend tegenover de grotere broertjes, maar qua park heel indrukwekkend door het verschil in perspectief tegenover de andere canyons. In Bryce en bij de Grand Canyon bekijk je alles van boven, in Zion sta je onderaan en krijg je een stijve nek van het vergapen naar boven toe. Tip (die wij ter plekke merkten): probeer je auto NIET in het park zelf te parkeren. Zet je in Springdale (een gehucht naast het park): het zal gratis zijn, je zal plaats hebben én er rijdt héél regelmatig een shuttle door de hoofdstraat naar het park. Binnen het park zelf is het quasi onmogelijk om met de auto rond te toeren (kan mits aanvraag, maar is enkel in bepaalde gevallen toegestaan) en die shuttles zitten wel goed ineen.
    • Wandelingen en view points: wij deden vooral kortere wandelingen maar hebben ons dat niet beklaagd (het was gigantisch warm): Pa’rus Trail (was heel aangenaam om te doen), Lower Emerald Pool Trail, Weeping Rock Trail (kort maar héél stijl), Riverside Walk
    • Overnachting: wij sliepen in de Majestic Views Lodge (als je aan de juiste kant van het hotel zit is die naam trouwens niet gestolen) en hebben daar ook gegeten; dat laatste was OK, maar niet fantastisch.
  • Las Vegas: wij logeerden in Excalibur (ik vind dat als je daar bent je best een hotel met inkleding kiest) en hebben zowat heel de Strip afgewandeld. Je komt hier de héél rijke en héél arme Amerikanen tegen, netjes naast elkaar, maar eens je daaraan gewend bent geraakt is het kort genieten. Wij waren er nog geen 24 uur en dat moest ook helemaal niet voor ons.
    • Hotels waar je zeker eens binnen moet/de attracties buiten moet bekijken: Bellagio en zijn fonteinen (vooral ‘s avonds heel leuk met de lichtjes), Paris Las Vegas, Caesar’s Palace (de detaillering is geweldig), The Venetian (mocht ik ooit nog eens terugkomen naar Vegas boek ik ons daar een kamer)
    • Restaurants: ons avondeten boekten we in Paris Las Vegas, een buffetformule. Zeker niet slecht, maar ook niet wow. Boek wel best op voorhand een restaurant, waar je ook gaat eten, want ik herinner mij van de reis met mijn ouders dat wij heel crabby rondliepen omdat we nergens een tafel hadden geboekt (we waren ook met zes. Mijn ouders hadden dat misschien wel moeten voorzien…)
  • Death Valley: voor mij een tegenstelling. Het park zelf lijkt geen park, maar heeft prachtige ritten in de aanbieding (zelfs de weg in en uit het park is fenomenaal) met view points en (korte) wandelingen in overvloed. Langs de andere kant weet iedere locatie in Death Valley héél goed dat er niet veel andere restaurants/winkels/wat dan ook aanwezig zijn en lijken ze niet allemaal even hard hun best te doen.
    • Wandelingen en view points: Artist’s Drive, Badwater (niet echt een wandeling, meer even de benen strekken en snel weer de airco opzoeken), Zabriski Point
    • Overnachting en restaurants: Furnace Creek Ranch (ondertussen Oasis at Death Valley geworden) was Ok qua hotel (je hebt hier sowieso niet veel keuze), avondeten in Corkscrew Saloon is absoluut af te raden en ontbijt in The Wrangler was dan weer zeker OK.
  • Yosemite: als we hadden gekund zouden we hier een week extra gebleven zijn. Zonder lachen: qua afwisseling, natuur en mogelijke wandelingen is dit voor ons een walhallah. Beestjes (mountain lions! Beren! Hertjes! Eekhoorns, maar die zitten letterlijk overal) met hopen, prachtige natuur en wij die daar doorheen gingen: ik wil nog eens terug. En dan in het park zelf logeren, aub.
    • Wandelingen en view points: Tenaya Lake, El Capitan, Glacier Point, de Waterfalls, sequoia’s, Tunnel View (we hadden echt het beste moment van de dag om dit te doen, vroege namiddag), Mirror Lake (ideaal om even uit te rusten en iets klein te eten, perfect met kinderen), Nevada Fall (stevige wandeling, wat de gidsen ook mogen zeggen)
    • Overnachting en restaurants: lunch bij Whoa Nellie Deli was geweldig, alleen al voor de naam; wij verbleven in de Cedar Lodge en aten daar de volgende dagen zowel ontbijt als avondeten – prijs/kwaliteit zeker OK.
  • Napa: ik wou voor het eten en de natuur gaan, de wederhelft en schoonzus gingen voornamelijk voor de wijn. Er is niemand teleurgesteld teruggekomen kan ik met veel plezier melden en als we ooit terugkeren naar San Francisco brei ik er zeker weer een aantal dagen Napa aan vast. Het eten, de sfeer, het weer: geweldig.
    • Dit bezochten we hier: Domaine Carneros (ideaal als aperitief-formule, met mogelijkheid om hapjes erbij te nemen), Castello di Amorosa (volledig kitsch maar zeker een belevenis), Beringer (classy en prachtige tuinen), Stags’ Leap (pas op waar je die apostrof zet, er is ook een Stag’s Leap en je wil écht wel naar de onze gaan: prachtige gronden, een fenomenaal huis met bijbehorend verhaal en als ik er kon logeren, ik zou het zo doen). Hors catégorie: The Old Faithful Geyser waar we toevallig op uitkwamen toen we een opvulactiviteit zochten tussen twee bezoeken door. Staat vermeld in de gidsen, is ideaal om gewoon te relaxen met een drankje vanop een schommel/vanuit een luie zetel terwijl je naar die geyser kijkt én je kan eventuele kinderen zonder enig probleem entertainen met waterspelletjes/de kinderboerderij/alle spelletjes die daar voorzien zijn.
    • Restaurants: wij gaan héél graag eten. Serieus. Onze restaurants lagen dus voordien al lang vast en we hebben het ons langs geen kanten beklaagd. ‘s Avonds aten we in Celadon (in Napa zelf) en Solbar (meer naar het noorden). Beiden waren fenomenaal, met voor mij een lichte voorkeur voor Solbar (die volgende keer in Napa, dan boek ik voor mij ook een dagje of twee in het wellness-gedeelte). Ontbijten deden we in Napa General Store, ongeveer een buur van Celadon en nog geen vijf minuten rijden van ons hotel. Niet goedkoop, maar zo lekker. Oh zo lekker. En een geweldig winkeltje dat verbonden was aan het eetgedeelte.
  • San Francisco: ik dacht dat ik San Francisco al goed gezien had, maar alleen al het herkenningsgevoel zorgt voor bonuspunten. Dikke minpunten voor de hele grote aantallen bedelaars, zwervers en -sorry om het zo te zeggen- marginale mensen die overal te vinden waren. Die zaten wel steevast in buurten waar we gelukkig niet vaak kwamen, maar toch: ik zou in die buurten niet graag wonen. In bepaalde andere buurten dan weer zonder enig probleem en enige aarzeling, zoals bijvoorbeeld op Leavenworth Street tussen Filbert Street en Francisco Street of -nog beter- op Lombard Street zelf, nummer 1040). Wij hebben ook wel één dag fantastisch weer gehad (gelukkig de dag dat we besloten fietsen te huren), met de andere dagen mist/motregen en mist/mooi weer.
    • Wat we bezochten: de Golden Gate (met de fiets -waar we de chance hadden om walvissen én dolfijnen te spotten en aldus zeker een uur op die brug hebben gezeten), Yerba Buena, Union Square (shopping!), Alexander Books Company (had ik gekund qua tijd en budget, ik had mij daar héél goed kunnen amuseren), Painted Ladies/Six Sisters (er is wat discussie over de juiste naam), Alcatraz (uiteraard; ook hier: best op voorhand tickets boeken en dan bedoel ik zeker een maand op voorhand), Pier 39 (met een kwartiertje stilstaan bij de zeeleeuwen)
    • Food: ontbijt was altijd Boudin Bakery. Dikke duim voor het lekkerste brood dat ik in Amerika gegeten heb. We hebben gedineerd in Sears (meh), Franciscan Crab Restaurant (lekker maar boertige obers, wel prachtig uitzicht) en Alioto’s (een klassieker met heel lekker eten, toffe obers en de mooiste zonsondergang die ik in tijden gezien heb). Goed lunchadresje: Pier Market (op Pier 39). Andere optie die we ook twee dagen gebruikten: extra brood halen bij Boudin en dat ‘s middags opsmikkelen.

Het hiccupje op de terugreis: we hadden heel weinig tijd voor onze overstap in Helsinki (50 minuten), maar hadden van de crew op het eerste vliegtuig gehoord dat het zou moeten lukken, zelfs mét een half uur vertraging. Wij hebben ons gehaast, maar kregen toch te horen bij de gate dat we het niet tijdig gehaald hebben (nadien hebben we ook gemerkt dat we al héél vroegtijdig geschrapt waren van de boarding list). De volgende vlucht naar Brussel was de volgende ochtend, dus er werd nog een nachtje Helsinki aangeplakt. Jammer en wij gaan vermoedelijk niet meer met Finnair vliegen (maar niet alleen door die vlucht, ook door de behandeling tijdens en nadien).

Standard
General blabla, Reizen

#projectblogboek 11: ga door je foto’s op je gsm en kies er een uit. Vertel het verhaal achter de foto.

IMG_1633

Ik vind hem écht wel cool, deze foto. Grappig, want ik kan mij zelfs niet helemaal meer herinneren dat ik hem genomen heb (en mijn GSM blijkbaar op z’n hoofd had staan, wat alleen maar bijdraagt aan het geheel). Dit is één van mijn zussen (de middelste) in Bordeaux afgelopen weekend.

Begin januari, op de nieuwjaarsvergadering van ons gezin (wij noemen dat een vergadering, want wij zijn nogal bizar zo. Ik steek dat volledig op de familie langs papa’s kant), besloten mijn ouders dat we vanaf nu gingen proberen ieder jaar één weekend als gezin op citytrip te gaan. In maart prikten we een datum, in juli kozen we een locatie uit (met veel geprotesteer van mijn broer want Bordeaux, dat trekt op niks en daar is niks te beleven) en begin oktober trokken wij naar daar.

Kleine conclusie: ga naar Bordeaux. Serieus, als je graag (goed) eet en fan bent van Franse steden die op anderhalf uurtje vliegen zijn en waar het weer altijd dat tikkeltje warmer is door de ligging, zet Bordeaux dan op je lijstje. En boek Le carreau, da’s een goeike.

Lange conclusie: voor het eerst in héél lang zijn we erin geslaagd een weekend met elkaar op te trekken zonder ruzie te maken of elkaar (heel) vies aan te kijken. Een klein mirakel. Het appartement dat mijn ouders boekten was fantastisch (gelegen aan de Place des Quinconces, blijkbaar een hotspot mét kermis twee keer per jaar, toevallig ook tijdens ons weekend daar), de sfeer zat goed door het nazomers gevoel van 22 graden en volle zon en eigen grenzen werden verlegd door onder andere een tripje met een Segway. Helemaal mijn ding niet, trouwens, die Segway: ik heb daar een uur verkrampt gestaan, maar mijn broer en zussen waren daar snel én gemakkelijk mee weg. Die sjeesden ervandoor en ik voelde mij vooral oud. En out. ‘t Zal het lot van de oudste zijn.

Maar dus Bordeaux. Wij zijn grote fan en plannen (zoals altijd plannen wij, maar geen idee of het in orde komt) om hier eens een week een huisje te huren en dan de streek ook te verkennen. Het is daar prachtig. En warm, had ik dat al gezegd?

#projectblogboek werd geïnspireerd door het boek van Kelly Deriemaeker. Je weet wel, die van Tales from the Crib

Standard