emoties, Sport

10 Miles – de conclusie

Zondag was het D-day. Al een week werden we gewaarschuwd voor hoge temperaturen, zware inspanningen en hoe je ermee moest omgaan. Ik was dan ook volledig voorbereid: een half litertje Aquarius om mee te zeulen (uiteindelijk heb ik een liter aan drank binnengespeeld tijdens het lopen), veel zonnecrème opgesmeerd, bananen voor en na de inspanning, extra flesjes Aquarius in de rugzak.

Mijn wave startte als laatste en ik begon uiteindelijk een kwartier na het eigenlijke startschot te lopen (toen pas vertrok ik dus over de startlijn, om maar even te melden dat er véél volk meeliep). Ik ga geen uitgebreid verslag doen van het parcours, maar mijn conclusie op dat vlak is: tunnels vallen goed mee als je kleine stapjes blijft nemen (en dus niet inzit met je eindtijd), vriendelijke Antwerpenaren met waterslangen zijn de max, drankposten zijn afgrijselijk op het punt van regels opvolgen (ik wil niet weten hoeveel bekertjes daar op de grond lagen) en een tunnel van bijna twee kilometer is écht wel lang.

Mijn 10 Miles zijn gelukt, en wel hierom:

  1. Ik ben over de finish gegaan zonder écht te strompelen (laten we wel wezen: fris als een hoentje was ik niet meer) of te zoeken naar het Rode Kruis
  2. Tijdens het lopen heb ik me enorm kunnen optrekken aan de supporters die iedereen aanmoedigden
  3. Ik heb maar 2 keer moeten wandelen: 1 keer voor een korte plaspauze (de toiletten die voorzien waren bij het vertrekpunt waren én gigavuil én helemaal niet bereikbaar door de grote hoeveelheid volk dat aanschoof) en 1 keer omdat de Konijnenpijp ‘vol’ zat
  4. Vandaag, twee dagen later, heb ik bijna geen enkele last meer van die afstand (gisteren was trappen op- en afgaan nog een beetje lastig, dat is vandaag quasi helemaal weg)
  5. Ik heb een medaille met daarop ‘finisher 10 Miles’.

Meer moet dat toch niet zijn? Ik denk wel niet dat ik hem volgend jaar opnieuw meeloop: de afstand is mij net iets te veel om plezant te blijven (mijn ideale afstand ligt rond 10 kilometer blijkbaar). Maar kijk: de 10 Miles kan ik afvinken van mijn lijstje ‘moet ik ooit eens doen’ 🙂

PS: iedereen wist dat het zo warm ging worden. Loop jezelf dan ook niet voorbij en weet dat je eindtijd niet geweldig goed gaat zitten en luister naar je lichaam. Al dat gezaag over ‘er was niet voldoende Rode Kruis-aanwezigheid’ is onnozel: iedereen is zelf verantwoordelijk voor hoe ze met hun lichaam omgaan. De minimumleeftijd voor de 10 Miles is 16 op moment van de 10 Miles: dan weet je wel waar je mee bezig bent, niet? Bon, my two cents.

Advertisements
Standard
General blabla, Projectjes, Sport, Veertig dagen bloggen

Dikke schrik

Nog 25 dagen en het is zover. 22 april, mijn persoonlijke D-day: de 10 Miles. Tot een week of twee geleden dacht ik ‘hey, geen probleem, ik zit al aan 12 kilometer op het gemakske, het wordt afzien maar komt volledig in orde’. Ha.

En toen… weet ik het niet goed. Werd ik ziek (zware verkoudheid, en als er één ziekte is waar ik absoluut niet mee om kan dan is het een verkoudheid. Plus, als ik al buiten adem geraakte van fietsen van en naar het werk, dan zag ik joggen niet zitten). Besloot het weer plots rottig te doen. Waren er uiteraard nog duizend en één andere dingen die ertussen kwamen kruipen waardoor ik nu dus al meer dan twee weken niet meer ben gaan lopen. Pas op, het idee is er wel. De goesting daarentegen…

Nee, joggen is nog steeds niet mijn favoriete bezigheid. Waarom ben ik dan in godsnaam zo stom/naïef/heldhaftig geweest om mij in te schrijven voor die 10 Miles? Omdat ik dat al lang op mijn mentaal lijstje had staan van ‘dingen die ik ooit wil gedaan hebben’. En omdat ik héél goed weet dat

  1. ik niet graag loop
  2. als ik mij daar niet toe verplicht door mij in te schrijven ik het nooit van z’n leven doe
  3. ik achteraf trots op mezelf ga zijn, eens ik die finsh over ben/loop/kruip (hey jongens, da’s vlak na de konijnenpijp, het zal wel kruipen worden denk ik)

Dus ja, die 10 Miles. Maar dat neemt niet weg dat bibi met de poepers zit, om het zo te zeggen. En dat ik drrrrrrrrrringend nog eens moet gaan lopen, al is het maar vijf kilometer, maar anders vergeet mijn lichaam nog dat ik dat af en toe deed, lopen.

Standard
emoties, General blabla, Het dagelijks overleven, Projectjes, Sport, Veertig dagen bloggen

Me-time

De wederhelft is op shortski tot en met dinsdagavond, ik ben hem vrijdagavond (in volle sneeuw, jawel) gaan afzetten in Brussel – gelukkig wel NA alle files. En nadien ben ik doorgereden naar de zee, waar mijn ouders al zaten. Kleine melding: Antwerpen is veruit de slechtste provincie in het organiseren van sneeuwruimen (mijn vergelijkingspunten: Antwerpen – Vlaams Brabant – Oost-Vlaanderen – West-Vlaanderen, allemaal op dezelfde dag). Serieus. Doe er iets aan.

Ik heb dus een relax weekend gehad aan zee, met veel wandelingen, veel te veel bezoekjes aan de meest geweldige bakker ooit in Knokke en een kort strandloopje. En een dutje op zaterdag (why not?) en veel family-time. En nu zetel-time thuis. Zalig.

Hopelijk was het bij jullie ook een rustig weekend! Of in ieder geval toch een goed weekend 😉

Standard
General blabla, Projectjes, Reizen, Sport, Veertig dagen bloggen

Mijn weekje in La Plagne

Sinds gisterenavond (rond 18h) zijn we weer thuis. Geen gebroken benen, geen gekneusde ledematen (de wederhelft klaagt wel over een knie, maar werd onderuit geskied door twee skikindjes-in-wording en kan wel perfect stappen, dus ik schiet niet in paniek), veel rust in het hoofd gevonden.

En skiplezier, dat ook. Ik kan echt met mijn hand op het hart zeggen dat ik mij dagelijks zeker een uur of vier heb geamuseerd op mijn ski’s. Nog nooit voorgevallen, zoals ik in die eerdere blogpost al duidelijk maakte. Ik ga zelfs niet spreken over ‘zotjes’, het is gewoon hallucinant. Het hielp ook wel dat er heel veel sneeuw lag. Zoveel sneeuw dat de skileerkrachten er zelf versteld van stonden (en uiteraard heel gelukkig waren, dat ook).

Wat nog meer hielp was dat die skileerkrachten (van de Reflex Ski School, boek hen als je les wil nemen want die zijn allemaal supergoed en vriendelijk en lach eens vriendelijk naar Jean Christophe van mij? Zo’n schatje) perfect wisten dat ik een grote bangeschijter ben op de skilatten. Ik wil controle, ik wil absoluut géén snelheid (hmm. Volgens de ski-app heb ik toch wel iets meer dan 50 kilometer per uur gehaald als topsnelheid), ik haat harde sneeuw. De twee leerkrachten die ik heb gehad hebben daar allebei perfect rekening mee gehouden en mij ook nog eens alleen maar blauwe pistes laten doen én mij toch laten vooruitgang boeken. Meer van dat!

De rust in het hoofd was er vaak tijdens het skiën, behalve wanneer het te steil naar mijn zin was of wanneer ik geen tien meter voor mij uit kon zien. Skiën en ik, wij zijn dan echt geen vriendjes. Maar die rust was er nog meer wanneer ik vanop het (ijskoude) balkon van de hotelkamer naar de besneeuwde bossen keek, de vallende sneeuw bewonderde of gewoon even genoot van mijn dagelijks dutje of lang bad. Ja, ik doe dagelijks een dutje op skivakantie. Ik stop meestal met skiën rond 16h, keer dan terug naar het hotel, doe mijn skikleren uit en kruip dan mijn bed in met een boek en een heerlijk warm gevoel (heb ik al vermeld dat het gemiddeld -5° of kouder was? Nee? Mijn benen waren iedere keer ijskoud als ik ergens warm binnenstapte). De anderen verklaren mij zot maar ik vind dat zalig. Dat betekent ook dat ik in combinatie met de vroege nachtrust en het tijdig opstaan ‘s ochtends heerlijk uitgerust terugkom van vakantie. Dat is uiteraard weer verdwenen na de eerste werkweek, maar ik heb het toch maar gehad. Ik denk dat ik deze week aan een kleine 9 uur zat als gemiddeld aantal slaapuren. Ik droom daarvan, van dat gemiddelde.

Conclusie? Het zat goed, deze week. De wederhelft was blij want ik heb me echt goed gevoeld op de latten, ik ben blij want ik heb mij goed gevoeld op die latten én ben volledig bijgeslapen én ik heb vandaag nog verlof. Hoeveel beter kan het worden? (dat kleurtje is er niet van gekomen, hoewel we ook zeker zon hebben gezien. Ik ben ook niet rood geworden, dus da’s ook al niet slecht)

Ik doe mee met het #veertigdagenbloggen-project van Katleen van Verbeelding. Hier kan je de lijst met andere deelnemers terugvinden! 

Standard
emoties, Projectjes, Reizen, Sport, Veertig dagen bloggen

De jaarlijkse skitrip

Wanneer jullie dit lezen, zit ik normaal gezien al ergens in Frankrijk. Beter gezegd: lig ik ergens in Frankrijk, want de heen- en terugrit richting Alpen ziet C. meestal diep weggezakt op de achterbank dutjes doen. Ideaal. En lezen, dat ook. Ik spaar boeken op voor de lange ritten, want hoe doe je dat anders? Toch niet babbelen met mensen rondom jou zeker? Tss.

We gaan voor de derde keer naar La Plagne, een skigebied waar veel blauwe pistes zijn (hiphoi!), net zoals rode en zwarte (boe – die zijn voor de wederhelft, zijn zus en neef). We zitten daar ook telkens in hetzelfde hotel, hoewel we echt ons best doen om eens iets anders te kiezen. Dat komt dan toch altijd duurder/slechter/verder uit dan verwacht, dus blijven we maar waar het goed is. Omdat we trouwens zo’n fans zijn van La Plagne, keren we er deze zomer terug om te gaan wandelen – lijkt me wel leuk om dan te zoeken naar de pistes waar we vijf maanden eerder afkwamen.

Vorig jaar was ik flink en heb ik lessen op de mat genomen voordien, kwestie van minder gecrispeerd op die latten te staan (nee, het is niet mijn favoriete sport). Dat is er dit jaar niet van gekomen, door drukke weken en gewoon geen zin. Wel neem ik terug privéles in het skigebied zelf, dus ik laat mezelf niet volledig gaan. We gaan voor zeker een vol uur skiplezier (in totaal, per dag is dat een illusie vrees ik)!

Ik kan erover zagen, maar het punt blijft wel: ik vind die vakantie wel tof. OK, het skiën ligt me niet echt, maar die natuur wél. De rust, dat zonnetje, de sneeuw, het cocoonen ‘s avonds en een hele dag buiten zijn: ik ben daar volledig fan van. En ik kom dus ook wel opgeladen terug. De liefde voor het skiën is er helaas nog niet. Misschien ooit wel?

In deze vastentijd doe ik mee met #veertigdagenbloggen, met dank aan Verbeelding. Join us!

Standard
Sport

Joggen in 2018

Ik doe het nog steeds. Niet altijd even regelmatig (momenteel weer wel, want die 10 miles lopen zichzelf niet), maar wel relatief regelmatig. Met af en toe een pauze van bijna twee maanden, sssst. Mijn bevindingen:

  • Het blijft lastig. Ik sta nog steeds niet te springen om te vertrekken. Ik blijf nog steeds liever in de zetel plakken. De aard van het beestje waarschijnlijk.
  • De runners’ high is mij nog niet bekend. Wat ik wél merk is dat mijn hoofd leeg is tijdens het lopen. Serieus: ik kan vertrekken met een bepaald prangend idee in mijn hoofd, om een half uur of later thuis te komen en eigenlijk helemaal daar niet aan gedacht te hebben. Ik denk gewoon niet na over dingen tijdens het lopen en dat is vaak heel aangenaam.
  • Ik luister niet meer naar muziek tijdens het lopen. Zotjes, want eigenlijk doe ik dat wel: op één of andere manier springt er altijd wel een liedje in mijn hoofd wanneer ik vertrek, en op dat tempo blijf ik dan lopen. Tegen het einde van de rit ben ik wel halfzot door dat liedje, want ik hoor altijd maar een bepaald deel in mijn hoofd. Argh.
  • Ik moet ergens toch wel wat conditie opgebouwd hebben ondertussen. Nee?
Standard