emoties, Het dagelijks overleven, Sport

Waarom joggen goed voor mij is

Uiteraard is joggen (en sporten in het algemeen) goed voor de mens. Maar waarom specifiek voor mij?

  • Ik voel me beter. Fysiek, ja, maar ook mentaal. En dan niet van die zogenaamde runner’s high (nog niks van gemerkt), maar wel omdat ik dan een doel heb behaald: weer eens gaan lopen. Nooit gezegd dat ik niet egoïstisch kon zijn 😉
  • Ik word er rustig van. Niet dat ik anders zo’n stresskip ben, maar zondag ging ik lopen en heb ik een klein uurtje lang gewoon in mijn hoofd lopen zingen (mijn iPod was ik thuis vergeten). Zalige therapie, vooral als je dan nog wat enthousiaste hondjes weet passeren.
  • Het is flexibel. Begin- en einduur liggen niet vast en het kan eender waar en wanneer. OK, dat is soms ook een nadeel (want die zetel ziet er dan zo goed uit ‘en joggen kan morgen ook nog wel’), maar als ik merk dat het niet gaat of net wél supergoed, dan kan ik gemakkelijk langer lopen of gewoon stoppen en voortwandelen. Het ritme van mijn lichaam volgen, quoi. Nooit gedacht dat ik ooit zou kunnen zeggen dat mijn benen goed zaten, trouwens. Speciaal gevoel 😉
  • Ik drink veel gemakkelijker na het joggen dan anders. Op het werk staat mijn waterfles voortdurend naast mij, om mij eraan te doen denken dat ik moet drinken. In het weekend gaat dat waterdrinken radicaal achteruit, maar door het joggen voel ik mijn lichaam snakken naar drank. Dat is dan vaak een halve liter Aquarius, maar dat lijkt me nog steeds beter dan gewoon niet drinken.
  • Wanneer ik een toffe sportoutfit koop, voel ik mij een pak minder schuldig. Ik gebruik ze namelijk nu (en soms gaan die kapot in het wasmachine, vooral als het gratis t-shirts zijn), dus mag er af en toe iets nieuw in de kast verschijnen.
  • Ik heb terug een sportdoel. Ik ga voor de 10 Miles in 2018. Dat geeft mij nog een jaar (min of meer) om aan 16 kilometer te geraken. Momenteel staat het record op 10 kilometer in één keer, maar over het algemeen blijf ik hangen op 8 kilometer. Ik zou mij daar slecht over kunnen voelen (plus: het gaat nog steeds ont-zet-tend traag), maar langs de andere kant kan ik wél netjes melden dat ik meestal ‘maar’ 8 kilometer loop. In één keer. Daar had ik een paar jaar geleden alleen nog maar van kunnen dromen. Ik mag dus trots zijn op dat lijf van mij, want het doet toch maar netjes wat ervan gevraagd wordt.
  • Als ze mij nu vragen wat ik van sport doe, kan ik zonder verpinken zeggen dat ik jog. Opnieuw: jaren geleden dat ik dat (eerlijk) kon zeggen, buiten een periode in 2016 teniet gelaten.

Ik ga nog steeds niet uit plezier sporten. Het is nog steeds tegen mijn goesting en levert mij ook niets op: geen slanker lijf, geen verbazingwekkende conditie (C. speelt nog steeds tomaat na een rondje lopen), geen adorerende hordes fans langs de zijkant. Maar de wederhelft is altijd trots wanneer ik gelopen heb en het schuldgevoel over de chocolaatjes op het werk gedurende de dag verdwijnt toch langzamerhand. Ahja, want ik loop.

Standard